8-11-2011
Laagopgeleide vrouwen werken veel minder vaak – en veel minder uren – dan vrouwen met een hogere opleiding. Hoe komt dat? Wie zijn de vrouwen die niet werken, waarom blijven ze thuis? Hoe zijn ze te motiveren om (weer) aan de slag te gaan? Research voor Beleid heeft onderzoek gedaan naar deze vragen.
In opdracht van het Ministerie van OC&W onderzochten we de arbeidsdeelname van laagopgeleide vrouwen. Het ministerie ziet arbeidsparticipatie als een belangrijk middel in het stimuleren van economische zelfstandigheid en het voorkomen van sociale uitsluiting van vrouwen. Samen met EIM is Research voor Beleid via kwantitatieve analyses op CBS-data op zoek gegaan naar het antwoord op de vraag wie die vrouwen zijn: wat is hun etniciteit, wat is de omvang van de verschillende (etnische) groepen niet-werkende vrouwen en wat zijn de kenmerken van deze vrouwen? Daarnaast hebben we samen met zusterorganisatie IPM vijf focusgroepen met laagopgeleide vrouwen gehouden: vier focusgroepen met niet-werkende vrouwen en één groep met laagopgeleide vrouwen die wél werken. In deze gesprekken is ingegaan op het beeld dat vrouwen hebben van werken en thuisblijven, wat vrouwen tegenhoudt om te gaan werken en ook op wat hen drijft om het leven te leiden wat ze nu doen. Tot slot is besproken of en hoe vrouwen te motiveren zijn om aan het werk te gaan. Het resultaat van dit onderzoek is een boeiend en verrassend rapport. Dit rapport is hier te vinden.
Neem voor meer informatie contact op met Martine van Ommeren (m.van.ommeren@research.nl) of Mirjam Engelen (m.engelen@research.nl)
Klik hier voor het nieuwsarchief