9-3-2010
Publieke Gezondheidszorg is een verzamelbegrip voor zorgvoorzieningen die tot doel hebben de bevolking te beschermen tegen ziektes en een gezonde leefstijl te bevorderen. Binnen het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) wordt nagedacht over hoe het beleid rondom de publieke gezondheidszorg kan worden vormgegeven. Research voor Beleid heeft met een quick scan in vijf Europese landen mogelijke aanknopingspunten in kaart gebracht.
Tijdens de quick scan heeft Research voor Beleid in kaart gebracht hoe het beleid rond infectieziektenbestrijding, vaccinaties, screening, jeugdgezondheidszorg, bevordering van seksuele gezondheid en algemene en gerichte gezondheidsbevordering in vijf andere Europese landen is vormgegeven. Deze landen zijn Duitsland, Frankrijk, België (Vlaanderen), Zweden en het Verenigd Koninkrijk (Engeland).
De bestuurlijke context op het terrein van publieke gezondheid is onderzocht door het bestuderen van relevante documenten en websites over de manier waarop de (publieke) gezondheidszorg in het betreffende land is georganiseerd, en door het voeren van diepte-interviews met bij de publieke gezondheidszorg betrokken wetenschappers en beleidsmakers uit de betreffende landen.
Conclusies
De belangrijkste conclusie die kan worden getrokken op basis van het onderzoek, is dat er grote verschillen bestaan tussen de bestuurlijke organisatie van publieke gezondheidszorg in de verschillende landen.
Verantwoordelijkheid voor beleid en implementatie
In een aantal landen is de nationale overheid de centrale speler in het beleidsveld (Frankrijk, Vlaanderen), terwijl in andere landen de verantwoordelijkheden zijn neergelegd op lagere bestuurlijke niveaus (Zweden, Duitsland, Nederland). In Engeland is de structuur top-down van karakter en staat deze grotendeels los van de bestuurlijke structuur van het land (een parallel bestuursapparaat).
In een aantal landen hebben de ziektekostenverzekeraars een sleutelpositie in het formuleren en implementeren van beleid, terwijl dit in andere landen veel minder is of zelfs geheel afwezig (bijvoorbeeld Zweden en Engeland). Opvallend is ook het feit dat in een aantal landen het Ministerie van Onderwijs deels verantwoordelijk is voor het aanbieden van jeugdgezondheidszorg (op scholen), terwijl dit in Nederland niet het geval is.
Uitvoeringsverantwoordelijkheid
Een deel van de landen heeft de ontwikkeling, verspreiding en coördinatie van methoden en strategieën aangaande gezondheidsbevordering (seksueel, algemeen en gericht) gebundeld in één nationale organisatie (Frankrijk, Zweden, Duitsland, Vlaanderen) terwijl dit in Nederland bij veel verschillende organisaties (met verschillende structuren, mandaten en financiering) ligt.
In Nederland hebben de Gemeentelijke GezondheidsDiensten (GGD’en) een centrale rol in de implementatie en ‘levering’ van publieke gezondheidszorg. Zij worden gecontracteerd door gemeenten om diverse taken uit te voeren, zoals collectieve individuele diensten en advies, opsporing en bestrijding van infectieziekten en jeugdgezondheidszorg. De GGD’en hebben direct contact met de bevolking maar vervullen ook bestuurlijke taken in het lokale gezondheidszorgsysteem. Ook zijn ze doorgaans niet geïntegreerd met eerstelijnszorg. Dit model is afwijkend van de overige bestudeerde landen, waarin de collectieve, individuele en bestuurlijke taken doorgaans bij verschillende partijen liggen. De levering van individuele diensten is doorgaans de verantwoordelijkheid van eerstelijnszorgaanbieders (huisartsen en/of lokale gezondheidscentra).
Het ministerie gebruikt de resultaten van dit onderzoek om de interne discussie rondom de vormgeving van de publieke gezondheidszorg inhoudelijk te voeden.
Klik hier voor het rapport.
Klik hier voor het nieuwsarchief