Research voor Beleid

Beeld van werken in de zorg

19-1-2012

In opdracht van het Ministerie van OC&W onderzocht Research voor Beleid de arbeidsdeelname van laagopgeleide vrouwen. Het ministerie ziet arbeidsparticipatie als een belangrijk middel in het stimuleren van economische zelfstandigheid en het voorkomen van sociale uitsluiting van vrouwen. Naast een kwantitatieve analyse zijn er vijf focusgroepen met laagopgeleide vrouwen gehouden: vier focusgroepen met niet-werkende vrouwen en één groep met laagopgeleide vrouwen die wél werken. In deze gesprekken is ingegaan op het beeld dat vrouwen hebben van werken en thuisblijven, wat vrouwen tegenhoudt om te gaan werken en ook op wat hen drijft om het leven te leiden wat ze nu doen. De vrouwen zijn ook specifiek gevraagd naar het beeld dat zij hebben van het werken in de zorg.

De zorg: je ervaring bepaalt je beeld
Voor de zorg geldt, nog meer dan voor andere sectoren: onbekend maakt onbemind. De vrouwen die al langere tijd in de zorg werken zien vooral voordelen: het werk is betekenisvol, het is nuttig en concreet. De vrouwen zijn allemaal enthousiast over hun werk. Na afloop van een dienst gaan ze met een voldaan gevoel naar huis. ‘Het is het belangrijkste dat je iets kan betekenen voor anderen. En dan geef je ze het liefste het beste wat je kan,’ zegt een vrouw die ziekenverzorgende is. Ook andere vrouwen kennen dat gevoel: ‘In de zorg ben je echt nodig. Dat geeft veel voldoening.’

Toch zien de vrouwen die in de zorg werken ook wel nadelen. Ze hebben wel vaak het idee dat ze eigenlijk teveel hebben gedaan en te hard hebben gewerkt: het is een veeleisende baan. De wisselende diensten brengen voordelen met zich mee, maar het vergt ook een goed planningsvermogen: ‘Omdat je onregelmatig werkt moet je vooraf nadenken wanneer je boodschappen kan doen, dat soort dingen’ zegt een vrouw die 28 uur per week werkt als verpleegkundige in een ziekenhuis.

Vrouwen die geen (werk)ervaring hebben in de zorg hebben vooral negatieve associaties met deze sector. Het ‘betekenisvolle’ aan het werk vinden ze nog wel positief, maar ze zien verder vooral bezwaren. De belangrijkste negatieve associaties bespreken we hieronder.

Negatieve associaties bij in de zorg
Veeleisend werk
Werken in de zorg is volgens de vrouwen vooral fysiek en psychisch zwaar werk. Werk dat je niet los laat, je kan niet ‘de deur achter je dichtdoen en klaar’. De vrouwen – die toch vaak al een laag zelfbeeld hebben en onzeker zijn, denken dat ze zulk zwaar werk niet aankunnen. Voor het lichamelijk zware geldt bovendien dat veel vrouwen er ook geen zin in hebben om zulk vermoeiend werk te gaan doen.
- ‘Ik zou emotioneel te veel betrokken zijn. Dan neem je het mee naar huis hè,’ zegt een vrouw, die zelf in de schoonmaaksector werkt en dus ook een lichamelijk zware baan heeft. Zij wordt bijgevallen door een andere vrouw, die één dag per week op de markt werkt. ‘Al die mensen zitten om een praatje verlegen, en die verhalen blijven dan maar malen in je hoofd. Ik kan niet zo geestelijk sterk zijn.’
- ‘Dat is echt niks voor mij,’ zegt een meisje van 17. ‘Een praatje maken met die mensen is misschien nog wel wat. Maar stel dan dat ze de volgende dag dood gaan. Dat is echt naar, dat is me veel te emotioneel.’

Vies werk
Vrouwen hebben veel moeite met het idee dat ze vieze handen moeten maken. Veel negatieve associaties gaan over het fysieke, wat plastische karakter van het werk. Om zich daar toe te zetten moeten ze over hun eigen grenzen heen. Dat is voor veel vrouwen een hele stap. Een vrouw van midden veertig: ‘Ik wil niet met oudere mensen werken. Misschien met kinderen, dat lijkt me nog wel wat. Maar tehuizen enzo, dat trekt me niet. Ik kan trouwens ook niet tegen bloed, dan word ik kotsmisselijk’.

De vrouwen die al in de zorg werken hebben daar geen moeite (meer) mee, maar zien wel in dat dit een bezwaar is voor anderen. Potentiële collega’s zouden zij de eerste weken ook nog niet laten wassen of verschonen; ‘laat ze eerst maar even rondkijken op bij wat lichtere taken.’

Onderbetaald
Het gros van de niet-werkende vrouwen denkt dat de sector, zeker gezien het werk dat je moet doen, veel te weinig betaalt. Opvallend genoeg hoor je de zusters, alfahulpen en kraamverzorgsters daar zelf helemaal niet over. Enerzijds is dat omdat zij hun bevrediging uit andere aspecten halen, anderzijds omdat zij via nacht- en weekenddiensten toch een redelijk salaris binnenkrijgen.
‘Het is lichamelijk heel zwaar. Petje af hoor voor de mensen die dat kunnen.
Echt goed als je in de zorg wilt werken, want ze worden ook nog ontzettend
onderbetaald.’

Opleiding nodig
‘Als je aan dat werk begint, heb je wel echt bepaalde kennis nodig. Je kan dat niet zomaar doen allemaal’, zegt een vrouw die in een kleine baan op een sportschool werkt. Een belangrijke drempel voor het werken in de zorg is de specialisatie die nodig is om op enig niveau te kunnen werken. Wanneer je in de zorg meer dan simpele klussen wil doen, zul je als vrouw moeten bijscholen. En werken en studeren tegelijkertijd, daar zien de vrouwen tegenop.

Klik hier voor uitleg over het totale project of ga direct naar de onderzoeksrapportage of de samenvatting daarvan.

Klik hier voor het nieuwsarchief